Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Bouw en afwerking

Publi-reportage | Arcadis: Laat de bodemexpert meteen mee aan de ontwerptafel schuiven

Ontwikkelaars en ontwerpteams schuiven doorgaans pas een stoel voor de bodemexpert bij als het bouwkundige plan al volledig vastligt. De impact van bodem- en grondwaterverontreiniging op grondverzet, bemaling en infiltratie moet daardoor vaak opgelost worden met dure ingrepen en technisch kunst- en vliegwerk. In het slechtste geval volgen juridische claims over migrerende grondwaterpluimen en falende infiltratiebekkens. "Een vroege screening van de ondergrond kan dit voorkomen”, zegt Steven Van den Bussche, projectmanager bodemsanering bij Arcadis. “Dan is er ook nog tijd om daar in het ontwerp rekening mee te houden en er financieel voordeel mee te doen.”

GettyImages-2255373834 (2)
Arcadis

De drempels voor de belangrijkste bodemonderzoeken liggen in Vlaanderen bijzonder laag. Volgens het Vlaamse Bodemdecreet is een milieuhygiënisch onderzoek in het kader van grondverzet al verplicht vanaf een volume van 250 kubieke meter. Dat gaat met andere woorden over zowat elk bouwproject. Daarnaast is heel vaak ook bemaling nodig en moet een grondwateronderzoek uitgevoerd worden om te bepalen wat er met het bemalingswater mag gebeuren en wat de impact zal zijn op gekende vervuiling op belendende percelen. 

"Het grondwateronderzoek is nodig voor de vergunningsaanvraag, maar die wordt concreet pas ingediend zodra het ontwerp klaar is”, zegt Steven Van den Bussche. “Het technisch verslag voor grondverzet wordt doorgaans nog later uitgevoerd, omdat het pas klaar moet zijn bij het opstellen van het lastenboek, vlak voor de marktconsultatie van de aannemer. Bouwheren stellen dit onderzoek bewust uit, omdat ze het risico willen vermijden dat ze studiekosten maken voor een project dat uiteindelijk geen vergunning krijgt. Het gevolg van dit uitstelgedrag is dat het ontwerp dikwijls al muurvast ligt tegen de tijd dat de grond- en grondwaterkwaliteit écht in kaart worden gebracht. We kunnen dan als bodemexpert geen kant meer op om structurele aanpassingen te suggereren.”

Escalerende financiële en ecologische gevolgen 

De economische gevolgen van deze laattijdigheid zijn de laatste jaren gigantisch geworden, met name door de strengere wetgeving rond historische verontreinigingen en opkomende polluenten zoals PFAS. “Het afvoeren en industrieel verwerken van PFAS-houdende bodem kost vandaag gemakkelijk 150 euro per kubieke meter. Als je die volumes in een groot binnenstedelijk project pas laattijdig ontdekt, praat je al gauw over een onvoorziene kostenpost van tientallen miljoenen euro’s. Dat slaat de hele businesscase van een project onherroepelijk in de soep”, aldus Van den Bussche.

Buiten het fysieke grondverzet vormt ook het grondwater een kritieke risicofactor bij de installatie van bemalingen. “Het zuiveren van opgepompt bemalingswater kan een gigantische kostenpost worden aangezien de natuurlijke achtergrondwaarden in het grondwater dikwijls al rond of boven de strengere lozingslimieten liggen. Zelfs op een zogenaamd 'onverdacht' terrein waar nooit industriële activiteiten zijn geweest, presteren we het vandaag om in bepaalde gevallen de standaard lozingsnormen te overschrijden. Dat betekent dat je zeer vaak een waterzuiveringsinstallatie met actieve koolfilters op de werf moet installeren. Hoewel actieve kool technologisch gezien niet eens de meest efficiënte techniek is om PFAS te capteren, is het momenteel wel de enige economisch haalbare Best Available Technique (BAT) voor tijdelijke werven. Wie hier vooraf geen budget voor heeft gereserveerd, bloedt financieel tijdens de uitvoering. Wie grondwater oppompt, kan bovendien ook historische verontreinigingspluimen van naburige percelen aantrekken en verplaatsen. Dat leidt mogelijk tot juridische claims van buren of overheden, stilgelegde werven en loodzware discussies over liability en aansprakelijkheid. Hetzelfde geldt voor foutief ingeplante infiltratiebekkens: als je daar massaal dakoppervlakken en wegenissen op laat infiltreren, creëer je een enorme verticale waterstroom die de sluimerende historische vervuiling uit de vaste grondlaag rechtstreeks naar het diepere grondwater kan uitlogen. Je bent dan plotseling zelf de veroorzaker van een nieuwe grondwatervervuiling, met alle juridische en financiële gevolgen van dien." 

Vroege strategische screening 

De oplossing voor deze vicieuze cirkel ligt volgens Arcadis in het losmaken van de starre procedures en het introduceren van een vroege strategische screening. “Door al in de voorontwerpfase een beperkt screeningsonderzoek uit te voeren, krijgt de bouwheer een ruw beeld van de ondergrondse gevoeligheden, en een idee van de grootste risico’s”, zegt Steven Van den Bussche. “Zo'n voorbereidend screeningsonderzoek is een slimme combinatie van een historische desktopstudie en een zeer beperkt aantal strategische boringen en analyses. Op het macrobudget van een groot project kost dat peanuts. Maar met die data in de hand kan de ontwerper wel slim gaan schuiven. Blijkt uit de vroege screening dat de noordkant van het terrein een zware historische vervuiling herbergt, dan kan de diepe ondergrondse parkeergarage misschien aan de zuidkant komen. Zo hoef je de vervuilde grond nooit op te graven en spaar je miljoenen aan afvoerkosten. Als je op een historisch brownfield sowieso grond moet saneren en ontgraven op basis van het saneringsproject, kan je daar vervolgens perfect je functionele bouwwensen op afstemmen." 

Innovatieve technologie 

In de reguliere private woning- en utiliteitsbouw gebeurt de keuze voor een vroege detectie helaas nog te weinig. “Bouwheren kijken vaak louter naar de initiële studiekosten en zien een vroege screening als een extra kost. Het vraagt een inspanning om de juiste beslissingsnemers binnen een organisatie te overtuigen dat die vroege investering zich ondergronds tienvoudig terugbetaalt.”

“Vroege detectie leidt bovendien niet alleen tot slimmer ontwerpen maar maakt ook een slimmere uitvoering mogelijk. Bij de funderingen voor windturbines wordt er bijvoorbeeld steeds vaker gekozen voor een volledig gesloten bouwkuip. We installeren dan CSM-wanden of damwanden langs de zijkanten van de bouwput, in combinatie met een horizontale waterglasinjectie op de bodem van de kuip. Zo sluit je ze hermetisch af van de omliggende grondwaterlaag en hoef je alleen het water binnen de kuip weg te pompen. Die vroege investering in civieltechnische afsluiting verdient zichzelf onmiddellijk terug omdat je de exploitatiekosten van een mogelijk miljoenenverslindende waterzuiveringsinstallatie zeer sterk reduceert.”


Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!

Bouwprojecten