Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Bouw en afwerking

Interview | Jeroen Vrijders over klassiek afbreken en circulair oogsten: “We zijn in de fase van de marginal gains aanbeland”

“Als we het hebben over circulair slopen en hergebruik, dan botsen we echter nog te vaak op klassieke, conservatieve denkpatronen. Slopen wordt nog te veel gezien als een vervelende kostenpost. In Nederland zeggen ze heel mooi: Wij slopen niet, wij oogsten. We zien stilaan ook sloopbedrijven in België aan marketing doen. Dat is al een stap in de goede richting, maar we moeten nog verder professionaliseren.”

AdobeStock_601014821

“Het probleem met klassieke sloop is dat het, zeker als je circulair wilt werken en beslissingen moet nemen over stromen en hergebruik, dat enorm veel risico’s en onzekerheden met zich meebrengt. Vandaag zie je dan vaak dat een opdrachtgever of een studiebureau probeert om een bestek helemaal ‘dicht te metselen’ met een meetstaat die al dan niet juist is. Men zet het project vervolgens in de markt voor de laagste prijs, en dan weet je niet wie de opdracht binnenhaalt: een partij die helemaal niet ambitieus is of iemand die misschien net véél te ambitieus is, met alle discussies en verrekeningen vandien.”

Drie jaar Circulaire Sloopteams

“Vanuit die frustratie zijn we op het idee voor de ‘Circulaire Sloopteams’ gekomen. Een beetje naar analogie van een bouwteam waarbij de expertise van een sloper al heel vroeg in het project betrokken wordt en waarin je als opdrachtgever, architect, sloopdeskundige, Tracimat en sloper gewoon sámen het optimum probeert te definiëren. Gebaseerd op realistische vormen van hergebruik, bestaande markten, kostenefficiëntie, logistieke haalbaarheid en duidelijk eigenaarschap van het materiaal. Drie jaar lang hebben we daar ervaring mee opgedaan, samen met een mooie mix van partners, met Embuild Vlaanderen op kop: het Netwerk Architecten Vlaanderen (NAV), Tracimat, Buildwise voor het algemene onderzoek, en daarnaast partijen als Aclagro en Stad Mechelen als uitvoerder en opdrachtgever. Toen we het project eind vorig jaar afsloten hadden we drie heel concrete dingen gerealiseerd waarmee de sector vandaag onmiddellijk aan de slag kan.” 
“Vanuit de vaststelling dat dat de meeste opdrachtgevers toch nog gewoon via een klassieke aanbesteding willen werken, zonder een integraal sloopteam, hebben we specifieke bestekvoorschriften en voorbeelden uitgewerkt. Om hen te inspireren om de sloper tenminste uit te dagen een aantal circulaire ingrepen te doen. Ten tweede zijn we heel diep in die samenwerkingsvormen gedoken. We hebben opgesomd wat er nu eigenlijk allemaal extra bij komt kijken als je circulair wil slopen. Je moet veel gedetailleerder inventariseren, een quality check uitvoeren op de geoogste materialen, actief op zoek gaan naar een markt, tijdelijke opslag en een complexe logistiek regelen. We hebben daar een fantastische methodiek en een praktische gids rond gebouwd. In zoverre dat als je groen licht krijgt voor een project, je meteen de partijen rond de tafel kan brengen en je de checklist kan aflopen. Zo creëer je automatisch heldere afspraken over verantwoordelijkheden.” 

“Door die nieuwe manier van werken ontstaan ook compleet nieuwe jobs, zoals de materialenmakelaar of de sloopcoördinator. Mocht ik een aannemer zijn, ik zou mij vandaag in de markt zetten als een ontzorger en die nieuwe expertise claimen om waarde te creëren, in plaats van puur aan te nemen wat mij strikt gevraagd wordt.” Het derde luik van de Sloopteams was de creatie van een neutraal kennisplatform. 

“We merkten immers dat het kennisniveau over hergebruik bij veel partijen niet altijd even groot was. Hergebruik is een relatief nieuw thema, waar iedereen wel een mening over heeft en dan is het belangrijk om die kennis te objectiveren. Het kennisplatform hebben we geïntegreerd in de Buildwise-website. Het laat architecten en studiebureaus toe om zich eerst grondig, op basis van dezelfde gevalideerde kennis, te informeren voordat ze zomaar om het even wat beginnen voor te schrijven.”

MatchMatter

De partners hadden weliswaar het gevoel dat het werk nog niet af was en starten meteen het vervolgproject ‘MatchMatter’ op. “We willen het komende anderhalf jaar nadenken over hoe we het proces van samenwerken een nóg grotere hefboom kunnen geven. MatchMatter draait rond digitalisering van urban mining en voorziet vier use cases. De eerste is de beschikbaarheid en digitalisering van informatie over de beschikbare materialen. Het doel is om digitale objecten te creëren die je vervolgens heel gemakkelijk kunt delen of doorsturen, of op de bestaande marktplaatsen kunt aanbieden, zodat ze sneller gekocht en verkocht kunnen worden.” 

“De tweede use case ontstond uit een heel concrete frustratie. Nadat we in 2024 de ‘Urban Mining Day’, een druk bijgewoonde studiedag over circulair slopen hadden georganiseerd, met aannemers, opdrachtgevers, studiebureaus, fabrikanten... had iedereen veel goesting om aan de slag te gaan, helaas niemand kon elkaar nadien nog terugvinden. We willen dus een digitaal ecosysteem bouwen van partijen die elkaar kunnen helpen en aanvullen in de praktijk.”

“De derde insteek gaat over het koppelen van projecten: gebouwen waarvan we weten dat ze in de toekomst afgebroken worden aan bouwprojecten die met hergebruik aan de slag willen. Eenmaal Tracimat bijvoorbeeld een inventaris binnenkrijgt, kan het soms nog maanden duren voor de sloop effectief start. Als je de inventaris echter meteen al zou kunnen ontsluiten, geef je de markt de tijd om donorprojecten aan nieuwbouw- en renovatieprojecten te koppelen.”

De economische realiteit

Het vierde en misschien wel moeilijkste luik tenslotte is grip krijgen op de economische realiteit. “Tot nu toe zijn we altijd heel idealistisch, vanuit goede wil, met hergebruik bezig geweest, maar dat botst op de limieten van de economische markt. We moeten nauwkeuriger onderzoeken wat de feitelijke kosten zijn en wat de werkelijke restwaarde is. Waar loopt de concurrentie met nieuwe materialen fout, en waar lukt het wel? We willen heldere, theoretische en economische modellen bouwen, zodat grote producenten kunnen inzien dat er voor hen een rendabele stroom is waar ze geld aan kunnen verdienen.”

“Dat zal ook tot oplossingen leiden voor heel concrete problemen, zoals de moeilijke logistiek van afvalstromen als minerale wol. Verplichte ophaling is soms de enige manier om gescheiden stromen op gang te trekken maar we moeten nadenken over oplossingen om lokaal te compacteren of te recycleren, aan massificatiesystemen of aan retourlogistiek. Want het klopt dat het niet per se rendabel of duurzaam is om vanuit Oostende met een vrachtwagen wolafval naar de andere kant van het land te rijden maar als dat gebeurt met vrachtwagens die eerst afgewerkte producten in de buurt van Oostende komen leveren, is het een heel ander verhaal. We zien in dat verband al mooie evoluties inzake stadsdistributie, zoals het initiatief ReLoad in Brussel waarbij we kijken of we de laatste kilometers naar de werf intelligenter kunnen organiseren via hubs.”

www.bouwensloopafval.be

“Om de drempel voor de afzet van die specifieke stromen drastisch te verlagen, hebben we ook de website bouwensloopafval.be gelanceerd, met een overzicht van álle specifieke afzetkanalen voor specifieke stromen. De website toont alle mogelijke plaatsen waar je materiaal kunt afzetten, inclusief de afzetcriteria waaraan het moet voldoen. We werken ook nog aan een kaart waarop je geografisch kunt zien waar de dichtstbijzijnde locatie zich bevindt.”

“Toch blijven er stromen die economisch en technisch bijzonder weerbarstig zijn. Vlakglas uit de sloop bijvoorbeeld. Vandaag is de kosten-batenbalans daar helemaal zoek. Niet-selectief werken is makkelijk en goedkoop, maar als je de ambitie hebt om het er apart uit te halen en het zo zuiver te krijgen dat het in de oven voor nieuw vlakglas mag, dan is dat peperduur in vergelijking met wat nieuwe grondstoffen voor vlakglas vandaag kosten. Daar is gewoon nog geen sluitend model voor”. 

“Ik verwacht dat fabrikanten, als zij de échte winst van hergebruik en recyclage beginnen in te zien, de kosten voor de verwerking van dergelijk afval meer en meer op zich zullen nemen. De grootste driver daarvoor is de verplichting om vanaf 2028 de milieu-impact van materialen op gebouwniveau voor nieuwbouw te berekenen. We zien de Belgische producenten van bouwmaterialen nu al heel aandachtig kijken hoe ze de impact van hun eigen producten kunnen verlagen. Eén van de belangrijkste pistes daarvoor is het verhogen van de ‘recycled content’. Alles wat ze als gerecycleerd materiaal kunnen hergebruiken, verlaagt hun milieu-impact en verhoogt de circulariteitsscore van hun nieuwe producten. Omdat ze die recyclagestromen in de toekomst keihard nodig zullen hebben, zal de markt verder zijn werk doen.”

“We mogen dus absoluut niet pessimistisch zijn. Integendeel. Als het aankomt op echte, werkende oplossingen zijn we in ons land de absolute koploper op het vlak van recyclage van bouw- en sloopafval. Mijn boodschap aan de sector is dan ook: we moeten van goed naar nóg beter. Maar aangezien we in de fase van de ‘marginal gains’ zijn beland, betekent dat dat we extra inspanningen moeten leveren om nog extra kleine winst te boeken.” 

>> Kennisplatform Circulair Slopen
>> Gids & tools voor sloopteams
>> Overzicht van recyclagetrajecten van niet-steenachtig bouw- en sloopafval

AdobeStock_1614000981
Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!

Bouwprojecten