Verticale lamellen als architectonisch instrument: het parkeergebouw van AZ Delta Torhout
Wie een parkeergebouw ontwerpt, krijgt doorgaans weinig ruimte voor architecturale frivoliteit. Functioneel, veilig en financieel verantwoord: dat zijn meestal de prioriteiten. Toch toont het nieuwe parkeergebouw van AZ Delta in Torhout dat ook een utilitaire structuur een zorgvuldig vormgegeven gevel verdient. De keuze voor verticale lamellen – in dit geval de Cubic 200-profielen van Duco – speelt daarin een cruciale rol. Niet als product in de etalage, maar als middel om een reeks ontwerpuitdagingen tegelijk te adresseren.
Met 385 parkeerplaatsen, waarvan 20 voor mindervaliden, wil AZ Delta een antwoord bieden op de toenemende parkeerdruk rond de ziekenhuiscampus. De vier bouwlagen zijn opgevat als een open structuur, een typologie die ondertussen standaard is in grotere zorg- en onderwijsomgevingen: voldoende ventilatie om brandcompartimentering te vermijden, compacte circulatielogica en een heldere organisatie van verkeersstromen. Aan de Noordlaan werd daarbij een Kiss & Ride-zone geïntegreerd, die de toegang voor bezoekers en patiënten moet verbeteren. Hoewel dergelijke infrastructuur meestal ondergeschikt is aan de architectuur van de hoofdgebouwen, stond esthetiek hier nadrukkelijk op de agenda. Het parkeergebouw vormt namelijk een van de eerste volumes die bezoekers zien wanneer ze de campus naderen. De vraag was dus hoe een open constructie – in essentie een stapel vloerranden en hellingbanen – toch een betekenisvolle gevelidentiteit kan krijgen.
De randvoorwaarden dicteren het ontwerp
Open parkeergebouwen zijn wettelijk gebonden aan strikte eisen inzake luchtdoorlatendheid. Minstens 30% van de gevel moet permeabel blijven, een vereiste die voor klassieke gevelsystemen behoorlijk limiterend kan zijn. Geperforeerde platen, staalnetten of roosters zijn gebruikelijke oplossingen, maar voegen zelden veel ruimtelijke kwaliteit toe. Bureau Partners, het ontwerpteam achter het gebouw, ging op zoek naar een alternatief dat zowel transparantie als ritmiek kon brengen. Verticale lamellen bleken daarvoor geschikt: ze garanderen voldoende openheid, maar kunnen door variatie in afstand, densiteit en kleur toch een uitgesproken gevelbeeld opleveren.
“De gevel mocht niet louter een verplicht technisch omhulsel zijn,” zegt architect Nik Vande Maele. “We wilden dat het gebouw een herkenbare identiteit kreeg, zonder te overheersen naast de ziekenhuisarchitectuur.”
Verticale lamellen als bouwstenen voor ritme en variatie
Het gekozen lameltype heeft een uitgesproken kubische vorm, wat het lichtbrekend effect versterkt. De lamellen werden in een repetitief ritme geplaatst, voldoende open om de luchtstroom te garanderen maar dicht genoeg om een visuele filter te vormen voor de geparkeerde voertuigen. Opvallend is het kleurenschema. Geen monotone gevel, maar een samenstelling van lamellen in meerdere tinten, in een ogenschijnlijk willekeurig patroon. Dat patroon werd echter vooraf minutieus uitgewerkt: een gecontroleerde variatie die op afstand een levendige textuur oplevert, en van dichtbij een speels detailniveau onthult. Witte horizontale banden structureren het geheel en brengen rust in het beeld. Het resultaat is een gevel die meebeweegt met de kijker. Vanuit sommige hoeken domineert de kleur, vanuit andere vooral de strakke geleding van de lamellen. Die gelaagde leesbaarheid maakt dat het gebouw meer wordt dan een utilitaire ‘parkeermachine’.
Samenhang met toekomstige bouwfases
Opmerkelijk is dat de lamellen nu al anticiperen op een toekomstige uitbreiding: binnen twee jaar wordt het inkomgebouw van het ziekenhuis vernieuwd. Ook daar zullen lamellen worden ingezet, maar dan met wisselende dichtheden, afhankelijk van de nood aan privacy in de achterliggende ruimtes. Zo ontstaat een visuele continuïteit over meerdere volumes op de campus, zonder dat de oplossing een rigide systeem wordt. De lamellen functioneren dus niet alleen als gevelbekleding, maar ook als verbindend architectonisch motief. Transparantie en privacy worden daarbij programmatisch gestuurd, wat het systeem meer maakt dan een esthetische ingreep.
Prefabricatie als sleutel voor precisie
Het project werd gerealiseerd binnen een openbare aanbesteding, met Stadsbader als hoofdaannemer en HABEMO als gevelspecialist. De montage van de lamellen vroeg om een bijzonder nauwkeurige voorbereiding. Het kleurpatroon werd niet ter plekke samengesteld, maar vooraf uitgewerkt in prefab-montagestukken. Die werden vervolgens op de werf bevestigd tegen de achterliggende prefabstructuur.
Die werkwijze minimaliseerde foutmarges, hield de montagetijd onder controle en zorgde ervoor dat het beeld – ondanks de schijnbare willekeur – exact werd zoals ontworpen. Voor gevels waar ritme en detaillering het verschil maken, is prefabricatie steeds vaker een onmisbare factor.
Spel van ritme, openheid en kleur
Met de realisatie van het parkeergebouw zet AZ Delta een stap richting een campus waar ook ondersteunende infrastructuur architectonische aandacht krijgt. De keuze voor verticale lamellen bewijst dat technische randvoorwaarden geen beperking hoeven te zijn, maar net een aanleiding kunnen vormen voor een sterker ontwerp. De gevel toont een spel van ritme, openheid en kleur, zorgvuldig gedetailleerd en met oog voor de ruimere context. Dat maakt van het gebouw geen monument, maar wel een voorbeeld van hoe utilitaire architectuur meer kan zijn dan de som van functionele eisen.
Waar parkeergebouwen vaak verdwijnen in het achtergrondweefsel van een campus, claimt dit volume op een bescheiden maar overtuigende manier zijn plek in het geheel. De lamellen zijn daarbij geen doel op zich, maar een architectonisch instrument dat het gesprek opent over hoe we naar dergelijke infrastructuur kijken.