Muyters trekt in 2017 35 miljoen ? uit voor sportinfrastructuur
Vlaams minister van Sport Philippe Muyters (N-VA) trekt volgend jaar liefst 35 miljoen € uit voor sportinfrastructuur. Daarna wordt elk jaar minstens 5 miljoen € uitgetrokken als steun voor sportinfrastructuur.
Het nieuwe Sportinfrastructuurplan voor Vlaanderen van minister Muyters moet ervoor zorgen dat iedereen in zijn eigen buurt op een kwaliteitsvolle, gezonde en betaalbare manier kan sporten. Voor grote investeringen in sportinfrastructuur kan steun vanuit de overheid als een hefboom werken. Maar waar investeerders vroeger in het duister tastten over wanneer en hoeveel budget er zou worden vrijgemaakt voor zwembaden, sporthallen of velden, zorgt het nieuwe plan voor duidelijkheid. Voortaan wil Vlaanderen jaarlijks een budget van 5 miljoen € uittrekken voor het bouwen of grondig renoveren van sportinfrastructuur via een oproepsysteem. Alle initiatiefnemers (lokale besturen, scholen, federaties, clubs...) kunnen hierop intekenen, waarbij tot 30% van het investeringsbedrag gesubsidieerd wordt, met een maximum subsidiebedrag van 1 miljoen € per project.
"Vroeger wist je niet of, hoe en wanneer Vlaanderen zou gaan investeren in een bepaald type van sportinfrastructuur. Die onzekerheid is straks verleden tijd. Iedereen weet nu dat we jaarlijks een budget van 5 miljoen € hebben waarop iedereen kan intekenen, of dat voor een zwembad, sportcentrum of hockeyterrein is", zegt de Vlaamse minister van Sport.
Projecten uit alle sportdisciplines maken kans op de subsidie, op voorwaarde dat ze een voldoende bovenlokaal karakter hebben. Welke projecten uiteindelijk geselecteerd worden, hangt in de eerste plaats af van hoeveel Vlamingen ze mogelijk kunnen bereiken en hoe goed ze aansluiten bij de sportbehoefte. Daarbij wordt gekeken naar de sportieve voorkeur van de Vlamingen, hun verplaatsingsgedrag en de al bestaande accommodatie in de regio. Daarnaast tellen ook andere aspecten mee. In welke mate wordt er bv. samengewerkt met andere gemeenten, sectoren, sportclubs of -federaties, scholen? om het project te realiseren en uit te baten? Hoe toegankelijk is de accommodatie? Of hoe innovatief?
Om stevig in te zetten op een sportvriendelijke leefomgeving en voldoende en kwalitatieve sportinfrastructuur in Vlaanderen, wordt in 2017 bovenop de vooropgestelde 5 miljoen € structurele steun, maar liefst 30 miljoen € extra investeringsbudget voorzien.
Topsportinfrastructuur
Ook in trainingsinfrastructuur voor onze topsporters blijft Vlaanderen investeren. De topsportcentra in de driehoek Gent-Antwerpen-Leuven worden volgens het campusmodel uitgebouwd met aandacht voor hoogtechnologische uitrusting en de juiste wetenschappelijke omkadering. In het topsportactieplan IV dat de Olympiade 2017-2020 van Tokio voorbereidt, wordt dan ook 10 miljoen € voorzien voor topsportinfrastructuur. Hierbij kan tot 50% van het investeringsbedrag gesubsidieerd worden, met een maximumbedrag van 3,5 miljoen € per project.
Lokale sportinfrastructuur
Sportinfrastructuur bouwen en uitbaten is vaak complex. Al snel krijg je te maken met aspecten van ruimtelijke ordening, milieuwetgeving, financiële haalbaarheid, energienormen... Bovendien kent elke infrastructuur ook zijn specifieke sporttechnische eisen. Sport Vlaanderen staat klaar om lokale initiatiefnemers, clubs en federaties met haar expertise en kennis bij te staan om zo lokale projecten sneller en tegen een betere prijs-kwaliteitsverhouding te realiseren of kwalitatief beter te maken. Sport Vlaanderen helpt hen bovendien ook bij de financiering van projecten, via toeleiding naar het waarborgfonds van PMV of door te helpen bij het opstellen van een professioneel investeringsdossier bij financiële instellingen.
Open sportinfrastructuur en beweegvriendelijke openbare ruimte
Het is ten slotte belangrijk niet enkel te investeren in nieuwe infrastructuur, maar ook bestaande accommodatie optimaal te benutten. Deze zomer werd bijvoorbeeld al een belangrijke stap gezet naar het naschools openstellen van schoolsportinfrastructuur, maar ook bij andere accommodatie liggen er nog kansen om breder open te stellen en het gebruik te verhogen. Bovendien kan ook een goed ingerichte openbare ruimte helpen en zelfs uitdagen om actief te bewegen. Het buurtsportproject helpt lokale besturen dan ook om samen te werken en een sportieve reflex te hanteren bij het inplannen van de openbare ruimte.