Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Constructie

Nieuwe akoestische criteria voor beglazingen

De gevelgeluidsisolatie wordt in grote mate bepaald door het buitenschrijnwerk, in het bijzonder door de beglazing. Sinds 2008 legt de Belgische norm NBN S 01-400-1 akoestische criteria vast voor woongebouwen, onder andere voor de gevelgeluidsisolatie. In juli 2022 is er een herziening van deze norm verschenen. Dit artikel helpt je een geschikte beglazing te kiezen volgens de nieuwe normcriteria.

Indicatie van geschikte glassamenstellingen in functie van het geluidsniveau vóór de gevel voor een doorsneesituatie.

Nieuwe akoestische criteria
-

GEVELVLAKKEN

Net zoals in de versie van 2008 hebben de criteria in de nieuwe uitgave van de norm NBN S 01-400-1 betrekking op de globale geluidsisolatie van gevelvlakken ter hoogte van woonkamers, eetkamers, keukens, studeerruimten en slaapkamers. De gestandaardiseerde en aan verkeerslawaai aangepaste gewogen geluidsisolatie DAtr kan in situ opgemeten worden.

De minimaal vereiste DAtr-waarde voor het gevelvlak is afhankelijk van het geluidsniveau buiten: hoe hoger de geluidsblootstelling, hoe hoger de vereiste geluidsisolatie. Daarom is het noodzakelijk om voor iedere gevel van het woongebouw een representatief geluidsniveau te bepalen, bij voorkeur door metingen op het terrein. Er kan ook een ruwe inschatting van het geluidsniveau gemaakt worden op basis van de vier buitenlawaaiklassen die in de norm vermeld worden met overeenkomstige indicatieve geluidsniveaus overdag (LA,day):

  • klasse 1 (rustige straten met lokaal verkeer): 60 dB
  • klasse 2 (stadsstraten met normaal verkeer op asfalt, één rijvak per rijrichting): 65 dB
  • klasse 3 (druk, traag rijdend verkeer): 70 dB
  • klasse 4 (intens verkeer): minstens 77 dB.

De norm bepaalt twee eisenniveaus voor de gevelgeluidsisolatie: een minimale eis (klasse C) en een verhoogde eis (identiek voor de klassen A en B), vergelijkbaar met het normale en verhoogde akoestische comfort uit de norm van 2008. Voor klasse C wordt een geluidsniveau binnen van maximaal 34 dB beoogd (30 dB voor de klassen A en B). Voor een geluidsniveau buiten van 70 dB komt dit bijvoorbeeld neer op een DAtr-waarde van minimaal 36 dB (70 dB - 34 dB). In slaapkamers is er een bijkomende eis van toepassing: hier mag het geluidsniveau ’s nachts maximaal 28 dB bedragen (25 dB voor de klassen A en B). Wanneer het nachtelijke buitenniveau nauwelijks of niet afneemt ten opzichte van overdag, dan zal deze eis dus bepalend zijn voor de glaskeuze.

Onder bepaalde voorwaarden laat de norm toe om de gevelgeluidsisolatie in situ te evalueren door een eenvoudige controle van het geluidsniveau binnen. Voorts bevat de norm bijkomende eisen voor specifieke situaties, zoals voor buitengalerijen en buitentrappen, of voor slaapkamers die onderhevig zijn aan frequente en/of luide nachtelijke passages van voertuigen (spoor-, vlieg- of wegverkeer).

ZWAKKE GEVELELEMENTEN

De aan het volledige gevelvlak gestelde eis (DAtr) is vaak terug te vinden in de lastenboeken. Deze eis mag echter niet verward worden met de eis voor de akoestisch zwakke gevelelementen zoals het buitenschrijnwerk, uitgedrukt door de parameter RAtr, de in het laboratorium bepaalde en aan het verkeerslawaai aangepaste gewogen geluidsverzwakkingsindex. Zo kan het zijn dat de benodigde RAtr-waarde van de beglazing groter wordt dan de DAtr-eis, in het bijzonder voor sterk beglaasde gevels en kleine vertrekken.

Het element met de laagste RAtr-waarde, veelal het buitenschrijnwerk, is bepalend voor de haalbare gevelgeluidsisolatie. Daarom is een gepaste keuze van de glassamenstelling van groot belang, zeker bij grote glaspartijen. Naargelang van de samenstelling van de beglazing zal de RAtr-waarde ervan variëren tussen ruwweg 26 dB voor een klassieke dubbele beglazing en 47 dB voor een zware dubbele akoestisch gelaagde beglazing. In bijgaande grafiek worden een aantal courante glassamenstellingen weergegeven met hun te verwachten RAtr-waarde en de buitenlawaaiklasse waarvoor zij volgens de nieuwe normcriteria (klasse C) geschikt zijn in een doorsneesituatie zonder ventilatieroosters. Onder een doorsneesituatie verstaan we een kamer met vensters in één gevelvlak en zonder ventilatieroosters, een totale vensteroppervlakte van maximaal 50 % (individuele glaspartijen beperkt tot 3,6 m², in een vast of opendraaiend raam) en een lokaaldiepte van minimaal 4 m. Dit is ook geldig voor slaapkamers indien het buitenlawaai ’s nachts met minstens 6 dB afneemt. Voor de zwaardere beglazingen (RAtr > 36 dB) werd er uitgegaan van verzwaarde raamprofielen die de geluidsisolatie van het venster met maximaal 3 dB verzwakken.

Weldra zal er in de rubriek Buildwise-Tools op de Buildwise-website een onlinerekentool ter beschikking gesteld worden om de geschikte beglazing te bepalen in functie van de geldende gevelgeluidsisolatie-eisen.

Bron: het artikel ‘Nieuwe akoestische criteria voor beglazingen’ van ir. Debby Wuyts, hoofd van het laboratorium ‘Akoestiek’, in Buildwise Magazine van september-oktober 2022. Het werd opgesteld in het kader van de Normen-Antenne Akoestiek, met de financiële steun van de FOD Economie, en de Technologische Dienstverlening C-Tech, gesubsidieerd door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (Innoviris). Enkel het originele artikel, te vinden op www.buildwise.be, geldt als referentie.

Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!


Bouwprojecten