OVAM lanceert campagne ‘Circulair bouwen – dé fundering voor de toekomst’
De recyclage van bouw- en sloopafval in Vlaanderen blijft op een hoog niveau. Uit nieuwe cijfers van OVAM blijkt dat er in 2024 zo’n 19,8 miljoen ton bouw- en sloopafval werd geproduceerd. Daarvan werd ongeveer 97 procent gerecycleerd. Dat percentage schommelt al enkele jaren rond hetzelfde hoge niveau en toont aan dat de bouwsector belangrijke stappen heeft gezet in afvalverwerking. Toch waarschuwt OVAM dat recyclage alleen niet volstaat om de sector echt circulair te maken.
Het hoge recyclagecijfer is namelijk voor een groot deel te danken aan de verwerking van steenachtig afval tot gerecycleerde granulaten. Die worden vaak opnieuw ingezet, maar niet altijd op de meest hoogwaardige manier. Voor andere materiaalstromen, zoals kunststoffen en metalen, is er nog veel ruimte voor verbetering. Ook de manier waarop gebouwen ontworpen, gebruikt en later ontmanteld worden, speelt een steeds belangrijkere rol.
Met de campagne “Circulair bouwen – dé fundering voor de toekomst” wil OVAM de bouwsector ondersteunen in die volgende stap. De organisatie lanceert daarbij ook een whitepaper met inzichten en praktische handvatten voor architecten, aannemers, projectontwikkelaars en overheden.
De bouwsector heeft een grote impact op milieu en klimaat. In Europa is de sector verantwoordelijk voor ongeveer de helft van alle materiaalstromen en het energieverbruik, 40 procent van de broeikasgasuitstoot en een derde van het waterverbruik. Volgens OVAM tonen die cijfers aan dat energiezuinig bouwen en recyclage slechts een deel van de oplossing zijn. Ook de milieu-impact van bouwmaterialen zelf, van ontginning en productie tot verwerking en hergebruik, moet sterker worden aangepakt.
Circulair bouwen vertrekt daarom vanuit een andere manier van denken. Gebouwen moeten zo ontworpen worden dat ze langer meegaan, makkelijker aangepast kunnen worden en op termijn demonteerbaar zijn. Materialen blijven daardoor langer in omloop en de nood aan nieuwe grondstoffen daalt. Dat biedt niet alleen ecologische voordelen, maar ook economische kansen. Gebouwen die vandaag niet toekomstgericht ontworpen worden, kunnen later immers sneller aan waarde verliezen of hogere aanpassingskosten met zich meebrengen.
Vlaanderen legt de lat hoog. Tegen 2030 moet minstens een kwart van de bouwprojecten circulair ontworpen zijn. Tegelijk wacht de sector een grote bouwopgave: tegen datzelfde jaar zijn er meer dan 300.000 bijkomende woningen nodig.
“Met de grote bouwopgave hebben we vandaag een unieke kans om materialen slimmer te gebruiken en gebouwen klaar te maken voor de toekomst,” zegt Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns. Ook OVAM-topman Werner Annaert spreekt van een kantelpunt. Volgens hem kan de omslag naar circulair bouwen alleen slagen als alle spelers in de bouwketen samenwerken.
De whitepaper van OVAM kan je hier raadplegen.