Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Regelgeving

Trainingen voortaan verplicht voor professioneel werken met producten met diisocyanaten

24 augustus is een dag die in de ruime bouwwereld niet onopgemerkt voorbij ging. Vanaf dan gelden immers nieuwe, aangescherpte Europese regels voor industriële en professionele eindgebruikers die werken met diisocyanaten. Het spreekt vanzelf dat dit ook op de werf de nodige gevolgen zal hebben en dat je daar als aannemer rekening moet mee houden.

Ontwerp zonder titel (22)

Voortaan mogen producten die diisocyanaten bevatten – denk onder meer aan kleefstoffen - nog slechts zoals vroeger gebruikt worden als het gehalte aan vrij, monomeer isocyanaat lager ligt dan 0,1%. Is dit niet het geval, dan mogen producten met diisocyanaten alleen gebruikt worden als de gebruikers een training hebben gevolgd over het veilige gebruik van diisocyanaten. De restrictie voor het werk met producten die meer dan 0,1% vrije di-isocyanatenmonomeren bevatten werd al op 3 augustus 2020 gepubliceerd door de Europese Commissie onder REACH. Sinds 24 februari 2022 staat al verplicht op de verpakking het volgende: ‘per 24 augustus 2023 moet voor professioneel en industrieel gebruik een passende opleiding zijn voltooid’.

Belangrijk om hierbij te onthouden: consumenten worden vrijgesteld van een training, maar dit geldt dus niet voor professionals. De vraag is daarbij vooral hoe de opleiding eruit moet zien, wetende dat de zwaarte van de training samenhangt met de intensiteit van het gebruik van producten met diisocyanatenmonomeren. Hoe intensiever het gebruik, hoe groter de blootstelling en bijgevolg ook hoe zwaarder de training. 

Drie opleidingsniveaus 

Het trainingsniveau hangt af van het blootstellingsrisico, wat vertaald wordt in drie trainingsniveaus: basisniveau, middelhoog niveau en hoogste niveau. Op het einde van iedere training volgt er een document dat duidelijk maakt welke opleiding er gevolgd werd.

Belangrijk om te onthouden is dat de opleiding verplicht is voor àlle professionele gebruikers. Het gaat dus zowel om de professionals die werken met de diisocyanaten zelf, als de personen die toezicht houden op deze werkzaamheden (zoals bijvoorbeeld ploegleiders). Inhoudelijk wordt er vooral gefocust op het onder controle houden van de blootstelling aan diisocyanaten via de huid en de luchtwegen op de werkplek. Elke opleiding moet gegeven worden door een deskundige en moet minstens om de 5 jaar herhaald worden. Ook niet te vergeten voor werkgevers: zij zijn er zélf verantwoordelijk voor dat hun werknemers de training volgen en afronden met een certificaat. 

Diverse mogelijkheden

Het is onbegonnen werk om alle onderdelen van de drie niveaus in dit artikel van naaldje tot draadje uit te leggen, daarom raden we je aan om te surfen naar de volgende website: www.safeusediisocyanates.eu. Deze is het werk van twee Europese chemische organisaties, die een opleidingsprogramma uitwerkten rond het veilige gebruik van diisocyanaten voor industriële en beroepsmatige gebruikers. Het gaat respectievelijk over ISOPA, de vereniging van Europese producenten van aromatische di-isocyanaten en polyolen, en ALIPA, de vereniging van Europese producenten van alifatische isocyanaten.

Je komt initieel terecht op een Engelse site, maar in de rechter bovenhoek zijn er ook taalopties Nederlands en Frans. Bij het doorklikken tref je vervolgens alle mogelijke informatie aan over wat de diverse opleidingen omvatten (voor de meesten zal basis of middelhoog volstaan) en hoe je jezelf of anderen kunt inschrijven.

Er bestaan diverse mogelijkheden voor het volgen van een opleiding. Een eerste kan via e-learning, een online training. Dit is een zelfstudiecursus die je op elk moment online kunt volgen tegen de prijs van 5 € per opleidingscertificaat inbegrepen (+ 10 € administratiekosten per factuur). In de cursussen vind je specifieke inhoud voor het eigen toepassingsgebied. Vergeet niet dat elke gebruiker zich moet registreren met een uniek e-mailadres. Daarnaast is het ook mogelijk om meerdere mensen te registreren voor de zelfstandige e-learning aan de hand van een beheerdersaccount. 

Ook zeker te onthouden: de Europese verordening (EU) 2020/1149 legt een duidelijke beperking op. Er staat letterlijk: ‘Deze opleiding moet worden gegeven op de werkvloer door een deskundige op het gebied van veiligheid en gezondheid met bekwaamheid die door een relevante beroepsopleiding is verworven.’

Twee trainerscategorieën

Om toegang te krijgen tot het trainingsmateriaal werden 2 trainerscategorieën gedefinieerd: Bedrijfstrainer/veiligheidsexpert op het gebied van diisocyanaten en Externe trainer/veiligheidsexpert op het gebied van diisocyanaten. In het eerste geval treedt een trainer op als werknemer van zijn bedrijf en is hij/zij daardoor verantwoordelijk voor het opleiden van werknemers van zijn/haar bedrijf of klanten van zijn/haar bedrijf. Een externe trainer is dan weer een zelfstandige of een medewerker van een opleidingsinstituut/adviesbureau die tegen betaling opleidingen geeft aan cursisten. 

Meer info over de inschrijving van de opleiding vind je ook in dit filmpje.

Bronnen: VVVF, Feica, VLK, be-mastics.be en ISOPA + ALIPA


Fabrikanten streven naar verlagen gehalte vrij, monomeer isocyanaat en ontlopen zo verplichte opleiding

Als regels verstrengen, is het een logische reactie voor fabrikanten dat ze op zoek gaan om het voor de klanten zo gemakkelijk mogelijk te maken. In dit geval dus: het op de markt brengen van aangepaste producten die kunnen gebruikt worden zonder opleiding. Dit betekent concreet dat ze erin slagen het gehalte vrij, monomeer isocyanaat lager te doen liggen dan 0,1%. 

Eén van de producenten die stelt oplossingen te hebben, vonden we in het Duitse Kleiberit. Kleiberit is al meer dan 75 jaar een specialist in kleefstoffen en ontwikkelt en produceert volledig in eigen land. Met wereldwijd 725 medewerkers haalt het een jaarlijkse productie van ongeveer 60.000 ton kleefstoffen, waarvan circa 85 % geëxporteerd wordt, met België als een belangrijke afzetmarkt.

Kleiberit meldt dat het met zijn micro-emissie (ME) PUR-Hotmelt kleefstoffen een volwaardig alternatief product op de markt bracht. Dit is het gevolg van jarenlang intensief sleutelen aan de eigen kleefsystemen, wat leidde tot lijmsystemen met bio-inhoud en micro-emissie (ME) PUR-Hotmelt kleefstoffen. 

“De eisen binnen de productieketens voor de productie van meubels, meubelelementen en toeleveringsproducten worden steeds strenger”, stelt een woordvoerder van het bedrijf. “Wij spelen hier op in en doen dit in eigen onderzoeks- en productiecentra. In samenwerking met een breed veld aan internationale klanten ontwikkelen we een productassortiment specifiek op maat van de eisen van de klant.”

Als voorbeeld haalt men de PUR-Hotmelt Kleiberit 716.8.00 aan: “PUR-Hotmelts zijn chemisch reactieve systemen, met een chemische vernetting na het aanbrengen, bij de productie van vloerplaten in de fabriek. Door de chemische vernetting creëren PUR-Hotmelts eindproducten met een hoge eindprestatie op het gebied van temperatuurstabiliteit, enzovoort. Kleiberit 716.8.00 werd speciaal ontworpen voor LVT vloerbekleding. Het product werd ontworpen om de migratie van weekmakers te beheersen, wat altijd een belangrijk onderwerp is bij het gebruik van materialen zoals PVC of LVT."

Micro-emissie

"Naar aanleiding van de nieuwe regels ontwikkelden we Kleiberit 716.8.50, waarbij de 50 staat voor een micro-emissie product. Dankzij dit product kunnen we blijven garanderen dat de weekmakers die uit de vloerbekleding migreren door de lijm kunnen worden verwerkt en de lijmverbinding niet zachter maken, wat kan leiden tot delaminering. Tegelijkertijd zorgt het product ervoor dat het zacht aanvoelende gevoel van LVT-vloeren behouden blijft. Met Kleiberit 716.8.50 hoeven we niet meer te reageren op de nieuwe regelgeving voor diisocyanaten omdat het product onder de vereiste 0,1% vrij, monomeer diisocyanaat blijft, wat betekent dat mensen ook niet getraind hoeven te worden in het gebruik van ME. Het diisocyanaatgehalte is zelfs zo laag dat er geen gevaarlijke etikettering meer op het product staat, terwijl de kwaliteit van de lijmen net zo goed is als voorheen. Belangrijk voor de klant is bovendien dat hij of zij helemaal niets meer moet veranderen aan zijn eigen machinelijn om deze ME-producten te kunnen gebruiken. Ze zetten gewoon nieuwe trommels op hun machine en werken verder zoals voorheen."

Afsluitend geeft Kleiberit nog mee dat het werkt aan de ontwikkeling van biogebaseerde materialen en dat er ook geëxperimenteerd wordt met lijmen op basis van gerecycled materiaal (PET). Dit past in een algemeen eigen streven naar het optimaal gebruiken van grondstoffen van zo dichtbij mogelijk, met absolute prioriteit voor grondstoffen uit de eigen EU. Dit sluit aan bij een programma om de eigen de CO2-uitstoot nog verder terug te dringen.

Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!

Bouwprojecten