Als abonnee heb je toegang tot alle artikels op BOUWKRONIEK.be

Visie

Interview | Oosterweel als katalysator voor de bouw

Dat het Oosterweel-project met onverwachte uitdagingen zou kampen, stond in de sterren geschreven. De PFAS-affaire gooide intussen al meer roet in het eten dan verwacht. Maar het plotse overlijden van de CEO was een klap die niemand had verwacht, laat staan had ingecalculeerd. Een opvolger voor wijlen Luc Hellemans vinden was geen evidentie. Want hij was een kapitein die het schip op een unieke wijze door woelige wateren wist te navigeren. Uiteindelijk was het Bram Vandenboom die het aandurfde om het roer over te nemen. Nu hij vijf maanden aan boord is, vonden we het opportuun om naar zijn visie op de Oosterweel en de stad van de toekomst te peilen.

Bram-Vandenboom,-CEO-Lantis-1
Dries 
Luyten

Bouwkroniek: De nieuwe CEO van Lantis worden, was wellicht een beslissing waarover u enkele nachtjes moest slapen?

Bram Vandenboom: “Om eerlijk te zijn: het was voor mij een no-brainer toen ik het aanbod kreeg. Oosterweel is één van de grootste en belangrijkste projecten in Europa, bovendien met een maatschappelijk belang dat zijn gelijke niet kent. Wie wil daar nu niet bij betrokken zijn? De functie paste bovendien perfect in mijn carrièrepad van ‘bruggenbouwer’ in complexe infrastructuur- en stadsontwikkelingsprojecten. Echte innovatie creëer je volgens mij vooral door mensen met verschillende disciplines en achtergronden te laten samenwerken. Zeker voor alles wat stadsvernieuwing betreft, is dat essentieel. Daarvan ben ik me extra bewust geworden in mijn vroegere functie als Head of Urban bij Tractebel. En dat is waar Oosterweel vandaag voor staat: een radicaal stadsvernieuwingsproject dat het originele mobiliteitsplan sterk overstijgt en een zeer grote positieve impact zal hebben op tal van domeinen. Naast mobiliteitsverbetering, zal het ook voor economische welvaart, welzijn en klimaatadaptatie zorgen. Bovendien zal de Oosterweel leiden tot meer digitalisering in de bouw, betere sociale regelgeving en een hogere veiligheid op de werf, wat eveneens in economische welvaart resulteert. Die maatschappelijke impact is voor mij wellicht nog de allergrootste motivator geweest om de functie te aanvaarden. Want een project als Oosterweel moet een hefboom zijn dat perspectief en vooruitgang biedt, zeker in de uitdagende tijden waarin we nu leven.”

Bouwkroniek: Wat is u het meest opgevallen toen u de ‘interne keuken’ van Lantis leerde kennen?

Bram Vandenboom: “Zonder twijfel de enorm uitgebreide kennis van het team en het enthousiasme waarmee iedereen zijn werk doet. Het was een bevestiging van wat ik hoopte te vinden: een brede waaier van profielen die hun kracht en ervaring bundelen om samen maximaal innovatief bezig te zijn om iets unieks te realiseren. Vooraleer ik bij Lantis kwam, heb ik nooit in een publieke organisatie gewerkt. Maar ik kan zeggen dat het team hier qua drive, passie en kennis zeker niet moet onderdoen voor een privaat bedrijf. Integendeel zelfs. Ook het feit dat Lantis buiten zijn muren kijkt en de hand naar alle stakeholders reikt, vind ik fantastisch. Er wordt écht geluisterd en proactief op problemen ingespeeld, waardoor het maatschappelijk draagvlak van de Oosterweel én gerelateerde stadsvernieuwingsprojecten ontzettend groot is.”

Bouwkroniek: Een nieuwe kapitein betekent meestal nieuwe regels. Wat wilt u veranderen?

Bram Vandenboom: “Waar we vandaag met Oosterweel staan, is voor een groot deel de verdienste van Luc, die in mijn ogen ongelofelijk werk heeft verricht. Het zou alleen maar fout zijn om niet op dat elan verder te gaan. Vandaar dat mijn focus ligt op het verder bouwen op zijn nalatenschap. Weliswaar zal ik dat op mijn eigen manier doen, vanuit mijn ervaring, visie en karakter. Maar grootse veranderingen zullen er niet komen, want Lantis is ontzettend goed bezig. Ik zie mijn taak vooral in het optimaliseren van de ‘samenwerking’ tussen de verschillende stakeholders en disciplines, en het verder voorbereiden van de toekomst van Lantis. Dat ik ook heel wat technische en organisatorische kennis over complexe stadsvernieuwingsprojecten heb, beschouw ik als een pluspunt. Dat helpt om alle actoren te begrijpen, bepaalde zaken te ‘vertalen’ naar een communicatie die alle betrokkenen begrijpen én de beschikbare interne kennis te ‘activeren’ zodat we op innovatief vlak het onderste uit de kan kunnen halen.” 

Bouwkroniek: U positioneert Oosterweel als een ‘transformatieproject’. Wat bedoelt u daar precies mee? 

Bram Vandenboom: “Zoals al eerder aangehaald, is Oosterweel geëvolueerd van een pure oplossing om het dichtslibben van de Antwerpse wegen tegen te gaan, naar een project van complete stadsvernieuwing. Er zijn intussen tal van ‘vertakkingen’ die het originele concept hebben uitgebreid. Denk maar aan het Antwerps Werkplatform waarin we onder meer met De lijn, AWV, MOW, Stad Antwerpen en alle andere publieke mobiliteitspartners in de Antwerpse regio een holistische visie uitwerken om het mobiliteitssysteem te sturen en fundamenteel efficiënter te maken. Of de projecten om de vrijgekomen ruimte te transformeren in parken en plaatsen waar de Antwerpenaars zich kunnen ontspannen én andere stadsontwikkeling. Intussen kunnen we stellen dat Oosterweel een economische hefboom voor Antwerpen en bij uitbreiding heel Vlaanderen zal zijn. Door de mobiliteit grondig te veranderen en de leefbaarheid op een veel hoger niveau te brengen, tonen we dat het anders en beter kan. Maar het is ook een transformatieproject voor de bouw: Oosterweel is een proeftuin waar bouwactoren de vrijheid krijgen om creatief te zijn en nieuwigheden uit te testen. Naar mijn mening zal dit leiden tot een innovatiegolf die de sector grondig zal veranderen en toekomstbestendiger zal maken.”

Bram-Vandenboom,-CEO-Lantis-3
Dries 
Luyten

Bouwkroniek: Kan u dit verduidelijken aan de hand van voorbeelden?

Bram Vandenboom: “We hebben met Oosterweel een nieuwe standaard op contractniveau gezet. Het NEC4 – New Engineering Contract versie 4 – is een contractvorm die in het Verenigd Koninkrijk vaste voet aan de grond heeft en die wij met veel succes hebben overgenomen. De omvang van dit project is te groot en te gecompliceerd voor een traditionele aanpak. En daarmee bedoel ik: een aanpak die meestal resulteert in een claimcultuur, waardoor de kosten de pan uit swingen en deadlines niet worden gehaald. Het is een beslissing die ik alleen maar kan toejuichen omdat de NEC4-aanpak volledig inspeelt op mijn visie van samenwerking, waarbij transparantie en vertrouwen de basispijlers vormen. Met dit contract werken opdrachtgever en -nemers in gezamenlijk overleg en met een billijke verdeling van de risico’s. Samen streven we bij elk deelaspect naar de best mogelijke oplossing voor een bepaald budget en proberen we te zoeken naar optimalisaties in planning en budget, zonder de kwaliteit en de veiligheid uit het oog te verliezen. Een belangrijk speerpunt van dit contract is dat potentiële conflicten nog voor ze zich voordoen op tafel moeten worden gelegd en uitgeklaard, zodat het risico op claims naderhand volledig komt te vervallen. Niemand kan ontkennen dat we hier de vruchten van plukken: vandaag zitten we op schema en budget. Heel wat aannemers vertellen me dat ze zonder het NEC4 het nooit hadden aangedurfd om in het project te stappen. En we hebben intussen ook duidelijke bewijzen dat de formule tot interessante en creatieve ideeën voor uitvoering heeft geleid. Het succes is zo manifest dat andere partijen ondertussen nadenken om ook met dit type contract te werken, voornamelijk dan voor toekomstige grote complexe projecten, zoals de bouw van nieuwe kerncentrales.”

Bouwkroniek: U zegt dat de werken binnen het budget vorderen, maar het prijskaartje van de Oosterweel is intussen toch wel flink gestegen? 

Bram Vandenboom: “Oosterweel is een project dat zich over meerdere decennia ontrolt. En dit in tijden met heel wat onverwachte geopolitieke spanningen. Hierdoor zijn de prijzen van energie en grondstoffen veel meer gestegen dan origineel ingeschat. Daarnaast is er de hele PFAS-problematiek die niet was ingecalculeerd en het project aanzienlijk complexer heeft gemaakt. Vasthouden aan de originele begroting is door deze omstandigheden gewoonweg geen correcte vergelijking. En we weten niet wat er ons nog te wachten staat met de huidige situatie in het Midden-Oosten. Dit zijn externe factoren waarop we geen vat hebben en zelfs niet kunnen voorspellen. Maar misschien het meest impactvol is wel het feit dat we zijn geëvolueerd van een pure mobiliteitsoplossing naar een compleet stadsvernieuwingsproject. Dit heeft het kostenplaatje uiteraard doen stijgen, maar ook de baten zijn hierdoor significant gestegen. En daar zullen de Vlamingen nog verschillende generaties van kunnen profiteren.” 

Bouwkroniek: Volgens het Rekenhof zouden de tolgelden onbetaalbaar worden indien het project op die manier moet worden terugbetaald, wat de bedoeling was. Wat is uw mening hierover?

Bram Vandenboom: “Dit klopt niet. Wij rekenen met wetenschappelijk onderbouwde verkeersmodellen die door het Vlaams Verkeerscentrum zijn opgemaakt en door een onafhankelijk extern mobiliteitsbureau zijn gevalideerd. We hanteren in het financieel model nog steeds de marktconforme toltarieven die jaren geleden in overeenstemming met de Vlaamse regering werden vastgelegd. Het financieel model toont aan dat het project nog steeds met de tolinkomsten kan worden terugbetaald.” 

Bouwkroniek: Bestaat het risico dat bepaalde onderdelen zullen moeten worden geschrapt mocht de crisis in het Midden-Oosten nog grotere proporties aannemen? 

Bram Vandenboom: “Wat Oosterweel betreft, zie ik dat niet gebeuren. Het project is intussen dermate ver gevorderd dat het gewoonweg onmogelijk is om nog grote veranderingen door te voeren. Linkeroever is al klaar, volledig binnen het voorziene budget trouwens. De Scheldetunnel ligt al op de bodem van de rivier en het eerste beton werd gestort om de Oosterweelknoop te realiseren. Binnen enkele weken starten we ook met de bouw van de kanaaltunnels en over enkele maanden nemen we een volgend stuk tijdelijke snelweg (bypass) in gebruik om de verdiepte ring verder te realiseren. Toch wil erop wijzen dat - zelfs al zorgt de crisis in het Midden-Oosten voor een verhoging van de bouwkost - de economische baten van het project nog steeds vele keren hoger zullen liggen. Zoals al eerder aangehaald, wordt de pure investering van Oosterweel op termijn door de tolgelden terugbetaald. Daarnaast zal de overheid – en dus ook de burgers – kunnen besparen op de budgetten van onder meer de ziektezorg en sociale zekerheid, omdat de leefbaarheid in en rond de stad enorm zal toenemen. Oosterweel zal eveneens voor een vlottere doorstroming van het verkeer zorgen, wat de een verdere uitbouw van de Haven - de economische motor van Vlaanderen - en de lokale industrie zal faciliteren en dus voor economische groei zal zorgen. Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat de nieuwe standaarden die we op onze werven uitzetten en alle nieuwigheden die de bouwsector in onze ‘proeftuin’ kunnen uittesten, een positief financieel gevolg voor het bouwen in de toekomst zal hebben. Precies dat alles wil ik de komende maanden meer in de spotlights zetten, zodat de publieke opinie de vele voordelen ziet in plaats van zich op de hinder en de investeringskost blind te staren.”

Bouwkroniek: Laat ons nog eens terugkomen op de voordelen voor de bouwsector. In welk opzicht is Oosterweel – naast de nieuwe contracten – nog een motor van innovatie?

Bram Vandenboom: “We stellen het voorbeeld op het vlak van veiligheid met onze preventieve aanpak en erg hoge vereisten. Ook zijn we een voorbeeldwerf wat betreft ‘social compliance’: iedereen wordt op het bezit van de juiste papieren gecontroleerd, de werktijden worden gerespecteerd, er zijn meldpunten, de onderaannemingsketen wordt bewust beperkt, en we trokken met het initiatief workinginconstruction.be de hele sector mee om te zorgen voor eerlijke arbeidsomstandigheden. We beogen op deze vlakken echt een nieuwe standaard voor de bouw te implementeren. Daarnaast streven we naar een verdere digitalisering van de bouw door ook daar het voorbeeld te stellen. Zo hebben we een gemeenschappelijk dataplatform uitgerold waartoe alle betrokken partijen toegang hebben en met uniforme documenten en data werken. We experimenteren met nieuwe technologie, zoals 360° camera’s op de helmen van de werfleiders. Op die manier verzamelen we gigantisch veel onweerlegbare en foutloze data die op zich weer deuren voor nieuwe innovaties openen. Zo zijn we momenteel bezig met de ontwikkeling van tools die met artificiële intelligentie werken, onder meer voor kostcontrole. Het voordeel is dat al die gegevens voor alle betrokken partijen multifunctioneel inzetbaar. Zo gebruiken we ook heel wat beelden en data om via ‘virtual reality’ een efficiënte communicatie met de stakeholders te voeren. En we merken dat dit ook effectief werkt: het maatschappelijk draagvlak van Oosterweel is vandaag heel breed, wat zeven jaar geleden totaal niet het geval was.”

Bouwkroniek: U zei ook dat er op het vlak van materialen, machines en technieken heel wat nieuwigheden konden worden uitgetest?

Bram Vandenboom: “Dat is inderdaad het geval. Zo worden nieuwe betonmengsels uitgetest. We hebben ook een speciale diepwandmachine, The Cube, die onder de bruggen diepwanden kan realiseren. Dit compacte systeem met een hoogte van 2,9 meter wordt voor het eerst wereldwijd op grote schaal toegepast in Antwerpen omwille van de complexe stedelijke omgeving. ‘The Cube’ werkt onder lage constructies, zoals spoorbruggen, wat klassieke machines niet kunnen. De technologie is waterdichter en technisch sterker dan eerdere methoden: een echte wereldprimeur. Alle innovaties die in Oosterweel worden uitgetest, zullen op termijn worden gecommercialiseerd en de sector op een hoger niveau brengen. Omdat ze kostenbesparend, efficiënter en/of duurzamer bouwen toelaten.” 

Bouwkroniek: Is Oosterweel een project dat navolging verdient?

Bram Vandenboom: “Jazeker, heel veel van wat we realiseren, zou ook andere steden in het binnen- en buitenland kunnen inspireren. De manier waarop we erin slagen om een dergelijk impactvol project op zo’n efficiënte manier uit te voeren, wordt trouwens echt wel opgemerkt. We ontvangen geregeld delegaties uit allerlei landen die het project graag met eigen ogen willen zien. Volgend jaar krijgt Antwerpen zelfs de eer om het World Tunnel Congres te organiseren, wat het belang van Oosterweel toch wel benadrukt. Bouwkundig is dit een van de meest complexe en innovatieve projecten in Europa. Daar krijgen we veel felicitaties voor, maar de echte bewondering gaat naar onze aanpak van de stakeholders, en dan vooral de direct betrokkenen. Ons doorgedreven omgevingsmanagement en de manier waarop leden van ons team naar de mensen trekken, echt luisteren en constructief/proactief naar oplossingen zoeken en erover communiceren, is een unicum in het Europese landschap van infrastructuurwerken en is volgens mij de manier om grote, impactvolle projecten te realiseren.”

Bouwkroniek: Hoe wilt u dat de mensen zich u herinneren eenmaal de Oosterweelverbinding is afgerond?

Bram Vandenboom: “Ik heb er absoluut geen boodschap aan dat de publieke opinie mij als persoon herinnert, dat is niet waarom ik de rol van CEO op mij heb genomen. Ik hoop vooral dat de mensen beseffen hoe uniek het traject is dat we doorlopen, en dat het voor velen een inspiratiebron mag zijn. Dat alle hinder uiteindelijk niet voor niks was, maar dat de mobiliteit rond Antwerpen veiliger en vlotter is geworden, dat het een duurzame en vooruitstrevende stad heeft opgeleverd waar het gezond en fijn vertoeven is, en dat de Vlaamse economie in de komende decennia van de boost van Oosterweel kan profiteren: dat is wat ik hoop te bereiken. En uiteraard dat de bouwsector, die het momenteel niet gemakkelijk heeft, haar voordeel kan halen uit alle kennis en inzichten die Oosterweel heeft opgeleverd. Zodat de bedrijven opnieuw meer armslag krijgen en bouwen voor iedereen betaalbaar blijft. Dan pas zal ik mijn taak als succesvol beschouwen.” 

Nieuwsbrief

Wens je op de hoogte te blijven van inzichten, projecten, trends en evoluties in de bouwsector? Schrijf je nu in blijf up-to-date!

Bouwprojecten